Voeding en diëten algemeen

[vc_row][vc_column width=”1/1″][vc_column_text]

Voeding en diëten algemeen

Wij van tips om af te vallen gaan je wat meer vertellen over de voeding algemeen. Eten is de brandstof voor je lichaam, dat weten we allemaal. Maar als je meer eet dan je lichaam verbrandt, dan kom je aan, logisch zou je denken. Daarom zijn eten en bewegen onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wil je afvallen? bekijk dan eerst of je wel overgewicht hebt. Bereken je BMI en kijk naar de tabel die er bij staat of je daadwerkelijk te zwaar bent.   < * BMI = Body Mass Index >

Koolhydraten

Koolhydraten zijn een belangrijke bron van energie voor het lichaam. Wie gezond eet haalt tussen de 40 en 70% van de energie uit koolhydraten. In voedingsmiddelen zitten verteerbare koolhydraten en niet-verteerbare koolhydraten. Verteerbare koolhydraten zijn zetmeel en suikers die je lichaam kan opnemen en gebruiken als glucose. Niet-verteerbare koolhydraten zijn voedingsvezels. Voedingsvezels zijn nodig voor een goede darmwerking. Koolhydraten zitten vooral in graanproducten zoals brood en pasta, maar ook inaardappelen, rijst en peulvruchten. Gezonde keuzes zijn koolhydraatbronnen die veel voedingsvezels bevatten zoals volkorenbrood, volkorenpasta, zilvervliesrijst en peulvruchten. Als je te veel koolhydraten eet, kan dat betekenen dat je te weinig eiwitten of vetten eet. Te veel koolhydraten wil zeggen dat meer dan 70% van de calorieën uit koolhydraten komt. Dat is niet goed voor de gezondheid. Als je te weinig koolhydraten eet kan dat betekenen dat je niet genoeg van alle gezonde voedingsstoffen, zoals vitamines, mineralen en vezels binnenkrijgt. Zoals je kunt lezen zijn koolhydraten een heel erg belangrijk onderdeel van je voeding

 

40 dagens zonder suiker

 

 Vetten

Vet is ook een bron van energie, vitamine A, D en E en essentiële vetzuren. Bij een gezond eetpatroon komt tussen de 20 en 40% van de energie uit vet. Om de kans op hart- en vaatziekten teverlagen, is het van belang te kiezen voor producten met zo min mogelijk verzadigd vet en geen of weinig transvet. Op basis van scheikundige eigenschappen wordt vet onderscheiden in onverzadigd en verzadigd vet. Vet in voedingsmiddelen bestaat altijd uit een combinatie van beide. Verzadigd vet verhoogt  het cholesterolgehalte in het bloed, vooral van het ”

– Verzadige vettenslechte” LDL-cholesterol, en vergroot daarmee de kans op hart- en vaatziekten. Onverzadigd vet verlaagt juist het cholesterolgehalte, vooral van het ”slechte” LDL-cholesterol. Transvet, een onverzadigd vet met een afwijkende structuur, vormt hierop een uitzondering: het heeft een nog sterker ongunstig effect op het ”slechte” LDL-cholesterolgehalte dan verzadigd vet. Dus met andere woorden een evenwichtige verhouding in je vet en koolhydraten zorgt dat je niet de ‘verkeerde’ vetten vast houd en omzet in lichaamsvet, overgewicht op den duur.

Verzadigd vet is een soort vet die bekend is door de ongunstige gezondheidseffecten. Zo verhoogt verzadigd vet het slechte cholesterol. Op die manier vergroot verzadigd vet het risico op hart- en vaatziekten. Verzadigd vet komt vooral voor in harde pakjes margarine en bak- en braadvet in een wikkel. Veel voedingsmiddelen bevatten verzadigd vet zonder dat dat meteen zichtbaar is. Het vet is als het ware in het product ‘verborgen’. Het gaat dan bijvoorbeeld om volvette kaas (48+), worst, vet vlees, vollemelkproducten, koek, gebak, snacks en zoutjes.

Eiwitten

Veel levensmiddelen bevatten eiwitten. Eiwitten zijn belangrijk. Het levert calorieën en aminozuren. Aminozuren zijn bouwstenen voor het eiwit in lichaamscellen. Sommige aminozuren kan het lichaam zelf maken. Andere moeten uit het eten komen. Deze aminozuren heten essentiële aminozuren. Er zijn dierlijke en plantaardige eiwitten. Dierlijke eiwitten zitten vooral in vlees, vis, melk, kaas en eieren, maar kunnen ook in andere producten zitten, zoals in snacks, koek en gebak. Plantaardige eiwitten zitten vooral in brood, graanproducten, peulvruchten, noten en paddenstoelen. Dierlijk eiwit bevat voldoende van alle essentiële aminozuren. Bij plantaardig eiwit verschilt dat per product. Daarom moeten vegetariërs en vooral veganisten erop letten welke producten met eiwit zij eten. Door de goede combinaties van producten te kiezen kan je toch voldoende van alle essentiële aminozuren binnen krijgen. Volwassen personen hebben gemiddeld ongeveer 0,8 g eiwit per kilo lichaamsgewicht nodig. Sommige groepen hebben wat meer nodig. Dat zijn vegetariërs, kinderen, zwangere vrouwen, vrouwen die borstvoeding geven, mensen met bepaalde aandoeningen, bij het genezen van wonden en kracht- en duursporters. Daarom is óók de eiwit-inname een belangrijk onderdeel van uw dagelijks voeding. Wei-eiwitten zijn  een hoogwaardige eiwittenbron en kan als aanvullen worden gebruikt.

[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]